Jongleren en gezondheid

Over de werking van jongleren

Tag archief: neurowetenschap

Een verhandeling over jongleren en gezondheid

 “Ga met deze drie ballen jongleren en bel me in de ochtend …”
Zou u niet graag uw arts die woorden horen zeggen en het menen? Nou, blijkbaar is er veel meer te doen rond jongleren dan op het eerste gezicht lijkt. Hier en daar zijn onderzoekers dingen over onze hersenen en organen te weten gekomen die er op duiden dat jongleren een waardevolle bijdrage kan leveren aan een goede lichamelijke en geestelijke gezondheid.

Een Princeton onderzoeker, Les Fehme (zie Brain/Mind Bulletin vol. 8, nr. 9. 1983), stelt dat we onze algemene prestaties in het leven kunnen verbeteren door verbreding van onze focus. Jongleren is een uitstekende manier om dat te doen. Hij beweert dat de meeste mensen een smalle focus hebben en een gebrek aan bewustzijn van hun eigen lichamelijke sensaties en  emoties. Deze smalle focus kan zeer boeiend en nuttig zijn, zoals bij praten over de telefoon, het besturen van een motorfiets of het krijgen van een massage. Het is alsof er niets anders bestaat, behalve dat. Bij het leren jongleren kan de smalle focus worden gericht op een bepaalde bal of kegel.

Deze smalle focus stemt overeen met de opmerkingen dat we leven in een maatschappij die de dingen ziet als fragmenten in plaats van holistisch. Maar dingen veranderen. En heel misschien helpt jongleren om dat te veranderen.
In 1983 heeft een Canadese onderzoeker, Justine Sergent, van de McGill University in Montreal, bewijs gevonden dat het idee dat de linker hersenen analytisch en rechter hersenhelft holistisch is, ontkracht. In plaats daarvan tonen haar bevindingen aan dat de linker hersenhelft beter is in gedetailleerde verwerking (de smalle focus) en de rechterhersenhelft in grotere aspecten van de waarneming. De bevindingen tonen ook aan dat beide zijden van de hersenen analytisch en holistisch zijn. Deze studie geeft wellicht ook een verklaring voor het feit dat er meer rechtshandige mensen zijn, namelijk omdat we als maatschappij het leven en de dingen als fragmenten zien (een bal of kegel in plaats van een patroon).

Maar wanhoop niet. Een ‘opvallende’ ontdekking van Brenda Spiegler, een onderzoeker van het kinderziekenhuis in Washington (zie Brain/Mind Bulletin vol. 19, no. 6, 1984) toont aan dat linkshandigheid toeneemt. Niet alleen dat, maar volgens een test uitgevoerd op het Mount Union College in Alliance, Ohio (zie Perspective vol. 2, no. 4. 1980), scoorden de linkshandigen hoger op creativiteit dan rechtshandigen, ongeacht hun leeftijd. Het ging om vier aspecten van creativiteit: flexibiliteit, welbespraaktheid, originaliteit en detaillering.
Aangezien de rechter hersenhelft normaliter geassocieerd wordt met creativiteit, is elke activiteit die helpt bij het ontwaken van deze onderdrukte hersenhelft zeker welkom. Begin te jongleren! Wie durft te beweren dat jongleren geen gebruik van beide zijden van de hersenen maakt? Beide handen worden bij jongleren gebruikt, of niet?

Jongleurs leren in een smalle focus situatie. Herinner hoe de meeste mensen beginnen te lezen. Allereerst leren ze de letters (de bal of kegel) te herkennen. Dan leren ze het woord (het jongleerpatroon) te herkennen. Echter, zodra het basis jongleerpatroon (het woord) is geleerd, dan kan de focus verschuiven naar een hoger vaardigheidsniveau (de woorden worden een zin). Een voorbeeld hiervan is een jongleur op een rola-bola.
Als een volleerd jongleur een nieuw kunstje wil leren, moet de focus opnieuw smal zijn, de bal of kegel moet de aandacht krijgen (een linker hersenhelft activiteit). Net als een beginner, moet hij of zij zich richten op het gooien van een kegel met een dubbele spin vanuit de rechterhand voordat de linkerhand een kegel achter de rug langs kan gooien.

Jongleren, zoals het leven zelf, lijkt een paradox. Om te vangen moeten we niet reiken. Om het patroon te zien, moeten we niet naar de delen kijken. Om te leren moeten we afleren.
Afleren van wat? Stoppen met gewoonten. Stoppen en bewust worden wanneer iets lukt, maar in staat te zijn om te pauzeren wanneer je merkt dat niet goed gaat. Dit cruciale moment van pauzeren is volgens Michael Gelb, auteur van Body Learning (zie Brain Mind Bulletin vol. 9, no. 3, 1984) wanneer een gedachte opkomt, en het zijn deze gedachten die onze oude gewoonten zullen doorbreken. We moeten ook anderen die bekwaam zijn, observeren. Beelden van excellentie zien er altijd gemakkelijk uit. “Experts laten wat ze doen er altijd eenvoudig uitzien,” zegt Gelb. Kijk vervolgens hoe het voelt om die taak te doen, te leren met je lichaam. Kunt u jongleren nadat je drie boeken over jongleren hebt gelezen? En na vijf of twintig?

Bij het mensen leren jongleren, leren ze sneller wanneer ze gevraagd worden om elke keer als ze iets verkeerd hebben gedaan, dat te vertellen. In het begin hebben ze geen besef van hun verkeerde bewegingen. Als ze die eenmaal herkennen, kunnen ze die elimineren.

Is het mogelijk dat ik meer van het jongleren maak dan het werkelijk inhoudt? In 1984 zond de Public Broadcasting System zond een serie van acht programma’s uit, getiteld “The Brain”. Op een bepaalde avond toonden ze hoe energie beweegt langs neuronen horizontaal van de achter- naar de voorkant van de hersenen voor het gezichtsvermogen. En energie beweegt van boven naar beneden, ofwel verticaal, voor beweging. Terwijl dit alles werd uitgelegd, was een jongleur gezien op het scherm. Ik vroeg me af waarom ze een jongleur gebruikten om deze delicate werking de hersenen te illustreren. Volgens Bonnie Benjamin, een woordvoerster van de producenten van de serie, werd de scène werd gebruikt om te illustreren waar twee paden in de hersenen samenkomen: zicht en beweging. George Page, verteller van de serie, zei het volgende: “Het aanleggen van paden is de kern van alle geleerde beweging. De hersenen moeten telkens weer experimenteren voordat het de beste route van de ene zenuwcel naar de andere kan ontdekken. Bij het uitvoeren van een handeling waarbij zicht belangrijk is, moeten twee systemen, zicht en beweging, uitvinden waar en hoe ze elkaar kruisen. Een voor een, verbinden de neuronen zich met elkaar. Een verbinding wordt verlengd. Spoedig is het een spoor en uiteindelijk een pad. Samenwerking tussen deze twee routes kan alleen worden bereikt door middel van herhaling.”

Daarom kan je alleen leren jongleren door te oefenen. De eenvoudigste beweging vereist een complex elektrisch/chemisch circuit in de hersenen. Onderzoek naar dit circuit wordt steeds een belangrijker onderdeel van de neurowetenschappen. Misschien zullen neurochirurgen op een dag een jongleur elektronisch aansluiten op een monitor en de activiteit van neuronen kunnen volgen die tijdens het jongleren heen en weer gaat tussen de twee hersenhelften… op de grootste van alle paden in de hersenen – het corpus callosum.

Oefenen lijkt het sleutelwoord in “deze jongleer kwestie”. Neurowetenschappen vertellen ons dat oefening de gewenste paden in de hersenen creëert of bouwt. Maar speelt er nog meer mee? Mogelijk. Morfogenetische velden. Morfische resonantie. Bijnaam: M-velden. Het is een theorie die wetenschappelijk is getest door dr. Rupert Sheldrake uit Engeland. In essentie zegt hij dat door het creëren van een fysiek pad in je hersenen niet alleen jijzelf een betere jongleur wordt, maar er ook voor zorgt dat anderen beter kunnen worden, via het  M-veld.

Maar we zijn een volk dat onszelf graag onder druk zet, zelfs als we weten dat het maar om een spelletje gaat. Hoe kunnen we dan leren jongleren, deze nieuwe informatie in ons opnemen, met minder stress? Nou, er zijn ten minste twee artsen die daar een mening of een gevoel over hebben. Op een conferentie in Chicago in 1983 met als titel “De genezende kracht van de lach en het spel” begon dr. Carl Simonton zijn lezing voor ongeveer 750 mensen met korte instructie hoe te jongleren. Vervolgens werden aan elke persoon drie marshmallows uitgedeeld. Op een teken vlogen 2250 marshmallows rond op zoek naar het M-veld patroon! Onnodig te zeggen dat dr Simonton een statement had gemaakt. Jongleren is leuk.

Dr. Steve Allen Jr. geeft workshops in stressmanagement. Hij gebruikt jongleren niet alleen als een belangrijke instrument voor stressverlaging, maar hij voegt eraan toe dat “er iets krachtigs in herhalende oefeningen zoals jongleren zit,” als ze betrekking hebben op de gezondheid. Bovendien, maakt Dr Allen gebruik van jongleren om stress te verminderen, omdat het de ‘creatieve kracht van dwaasheid’ naar boven brengt, die oorspronkelijk werd gedefinieerd als ‘gezegend, welvarend en gezond’. Toch, het belangrijkste punt van dr Allen voor zijn cliënten/patiënten is: “houdt het gewoon leuk … en speel!”

Er zullen altijd mensen zijn die een heel duidelijk doel willen of moeten hebben om te gaan jongleren voordat ze het uitproberen. Dus voor deze groep… rapporteert Healthwise magazine dat Dartmouth Medical School heeft aangetoond dat roeien de beste oefening is als het om maximale aerobe stimulatie gaat. De reden voor het onderzoek was om erachter te komen wat voor activiteiten oude mensen (85 jaar en ouder) zouden kunnen doen die bijgedragen aan een langere levensduur. Ze keken ook naar joggers en dirigenten. De conclusie die de schrijver uit het Dartmouth onderzoek trok, was dat “het verstandig zou zijn om elke dag armoefeningen uit te voeren en de muziek die we thuis beluisteren zelf te dirigeren.” Dus begin nu met jongleren; een armoefening, zoals er geen andere is.

Auteur: George Niedzialkowski  (zie www.juggling.org/jw/86/1/health.html)

Advertenties